Italië

6 – 22 juli 1997

Zondag 6 juli 1997 / Maandag 7 juli 1997

Zondagmiddag laten we een grauw Oegstgeest achter ons voor ruim twee weken vakantie in Italië. Met de intercity naar Brussel, de Thalys naar Parijs en de nachttrein naar Milaan, bij elkaar zitten we 19 uur in de trein. Ik doe ’s-nachts geen oog dicht. Hierdoor maak ik wel het mooiste stukje van de reis mee: tussen vier en zes ’s-ochtends rijden we door de Alpen terwijl de zon langzaam opkomt. In Milaan aangekomen besluiten we meteen door te reizen naar Genua. Aan het eind van de middag bevinden we ons op een camping in Rapallo, een dorpje ten oosten van Genua.

Dinsdag 8 juli 1997

Vandaag zijn we naar het strand bij Rapallo geweest. Heerlijk gerelaxed. Op het keienstrandje (er zijn hier geen zandstranden) zijn we zo’n beetje de enige niet-Italianen. Op het strand, dat aan een prachtige baai aan de Thyreense zee ligt, halen we wat gemiste slaap in. Op de terugweg willen we een andere route lopen dan de heenweg. Daarvoor moeten we over een flinke heuvel die ons van de camping scheidt. Na héél lang lopen hebben we de hele heuvel gehad, maar zijn we er niet overheen. Toch maar dezelfde terugweg genomen.

Woensdag 9 juli 1997

Woensdag bezoeken we Genua, de historische stad aan de westkust van Italië. In de veertiende eeuw was Genua een bloeiende havenstad. Nu de haven minder lucratief is, trekt Genua vooral toeristen naar het middeleeuwse centrum en zijn wirwar van steegjes. Bij het station kom je meteen al het standbeeld van Christopher Columbus tegen, die uit Genua afkomstig was. Vanuit de haven van Genua zie je de oude stad tegen de heuvel liggen. Zij aan zij met hedendaagse vormgeving, zoals de kunstwerken aan de boulevard. Veel historische gebouwen bevinden zich in een slechte staat. Pal ernaast worden vaak foeilelijke nieuwbouwpanden gezet. Wat bewaard bleef is onder andere het huis
van Columbus bij de meest oostelijke stadspoort.

Donderdag 10 juli 1997

Donderdag vroeg opgestaan en om acht uur uit Rapallo vertrokken. Op doorreis naar Rome maken
we een tussenstop in Pisa. Een weinig interessante stad, maar ja, ze hebben nu eenmaal die toren
waar Pisa om bekend is: de scheve toren. De bouw begon in 1173, maar al bij de derde verdieping
begon de toren (campanile) te hellen. Het duurde tot 1350 totdat de klokkentoren werd afgebouwd.
Tot op vandaag verzakt de toren jaarlijks één milimeter extra. Naast de scheve toren staan op het
Campo dei Miracoli ook de doopkapel en de Dom. ‘s-Avonds komen we aan in Bracciano, een stadje
40 kilometer ten noorden van Rome. Van hieruit zullen we Rome bezoeken.

Vrijdag 11 juli 1997 / Zaterdag 12 juli 1997

Volgens de legende had de dochter van een koning, Rea Silva, twee zonen van Mars. Nadat ze hun jeugd waren verzorgd door een vrouwtjes-wolf, werden ze geadopteerd door een herder, die ze Romulus en Remus noemde. Zij zouden de stad op de Palatine Hill gesticht hebben, die nu Rome heet. Romulus werd de eerste monarch van de stad, nadat hij zijn broer tijdens een conflict over het leiderschap had gedood. Tijdens onze wandeling door de stad lopen we onder andere langs de Ponte Fabricio uit 62 voor Christus, de enige klassieke brug die nog bestaat, zonder hulp van restaurateurs. Ook komen we langs de Elephant-fountain van Bernini symboliseert het idee dat intelligentie de basis dient te zijn van wijsheid. Vervolgens lopen we naar het Panthéon. De Romaanse heerser Adrianus liet het Panthéon rond 125 na Christus bouwen, tot op vandaag een knap staaltje architectuur. Vanaf 609 na Christus is het Panthéon een tempel. Door een gat in het dak, met een diameter van negen meter, valt het enige licht naar binnen. Pas deze eeuw slaagde men erin een dergelijk grote koepelconstructie – zonder zichtbare spanten – als deze te bouwen.

Aan het Piazza Venetia staan twee opvallende gebouwen. Het wit-marmeren Vittorio Emanuele monument of ‘Altar of the nation’. Rond de eeuwwisseling gebouwd om de éénwording van Italië te herdenken. En het Palazzo di Venezia, een Renaissance paleis dat vooral bekend werd doordat Mussolini er zijn intrek nam en het paleis veranderde in het centrum van de fascistische regering. Er is weinig van over, maar eens was het Forum het hart van het Romeinse Rijk. Het Forum – centrum van politiek en religie en sociale ontmoetingsplaats in een voor die tijd reeds grote stad. De zuilen zijn de resten van diverse tempels die gewijd waren aan de goden en heersers. Beter bewaard gebleven is de Arch van Septimus Serverus ter ere van zijn tienjarige heerschappij. Achter de Arch staat de Curia (80 v. Chr.) waar in de tijd van Julius Caesar de Senaat vergaderde. Nieuwe wetten werden buiten op een muur gehangen, zodat niemand kon zeggen dat de wet hem niet bekend was. Ook vandaag worden nog nieuwe opgravingen rond het Forum gedaan.

Na het Forum lopen we langs het Palazzo Senatorio, nu het stadhuis van Rome. Voor het Palazzo staan de Romaanse standbeelden van Castor en Pollux die het door Michelangelo ontworpen Piazza Campidoglio markeren. In het Colosseum waan je je in een andere tijd. Het amfitheater stamt uit 72 na Christus. De Romijnen kwamen hier samen om de meest wrede wedstrijden te aanschouwen. Gladiatorengevechten om soldaten klaar te maken voor de echte strijd, gevechten tussen mens en dier en dieren onderling. De gladiatoren verdienden er goed aan, vele dieren vonden de dood, evenals vele verliezers. In de 5e eeuw werden de ‘spelen’ verboden. De vloer van de arena is verdwenen, het doolhof eronder blootleggend vanwaaruit de dieren de arena ingeleid werden. Het Colosseum is één van de meest indrukwekkende plaatsen die we in Italië bezocht hebben.

Na het Colosseum bezoeken we Vaticaanstad, of Città del Vaticano, en het Piazza San Pietro met de Basilica San Pietro. Sinds 1929 is Vaticaanstad onafhankelijk. Tot slot gaan we naar de Trevi-fontein, een bouwwerk van Bernini, die veel werken in Rome op z’n naam heeft staan en de Spanish Steps, waar in feite niets spaans aan is. Rome is een prachtige stad, waar de oude monumenten en overblijfselen van het cultureel erfgoed bewaard zijn gebleven temidden van een drukke 20e eeuwse stad. We doen heel veel indrukken op. Het weer is prachtig (30-35 graden) en dat maakt het mogelijk om overal lekker buiten te zitten, genietend van wat we zien en van overheerlijk Italiaans ijs!

Zondag 13 juli 1997

Nadat we vrijdag en zaterdag Rome bezocht hebben, blijven we zondag op de camping. Onze tent staat anderhalve meter van het Lago di Bracciano. Vanuit de tent hebben we een adembenemend uitzicht. Genietend van de zon en de watermeloen brengen we hier de laatste dag door, voor we richting het noorden vertrekken.

Maandag 14 juli 1997 / Dinsdag 15 juli 1997

Maandagochtend vertrekken we vanuit Bracciano naar Padova. Deze reis blijkt te lang om op één dag te doen. In Florence moeten we overstappen. Daar blijkt dat als we nog een beetje op tijd in Padova willen zijn, we de intercity moeten nemen en dat kost extra geld. Vanuit de trein zien we de lucht betrekken. Vlak voor Padova stappen we uit, in Montegrotto zit een camping. Door de regen lopen we
naar de camping, die we niet kunnen vinden. Als we bij een chique restaurant aankloppen om de weg te vragen, brengt de dochter van de eigenaar ons met de auto naar de camping. De camping blijkt hartstikke duur, maar het is al tegen tienen en het regent, dus er zit niets anders op dan hier één nacht te blijven en de volgende dag door te reizen.

Woensdag 16 juli 1997

Omdat in en rond Padova verder geen campings waren, zijn we doorgereisd naar Verona. Van hieruit zullen we diverse uitstapjes maken. In Verona vinden we een prachtige camping, gelegen op een heuvel binnen de muren van een oud kasteel. Iedere kampeerplaats heeft hier z’n eigen plekje, omringd door bomen en druivenranken. Voor de wastafel staand heb je een fantastisch uitzicht over Verona.

Verona is een oorspronkelijk Romaanse stad die opvalt door z’n uiterst gemoedelijke sfeer. Een stad waar wij ons al snel thuis voelden. De meeste gebouwen stammen uit de periode dat Verona geregeerd werd door de Scaligeri-familie, in de 12e eeuw na Christus (Verona was toen net als veel Italiaanse steden een stadsstaat). De Arena is Verona’s indrukwekkende Romaanse monument. De Arena stamt uit de 1e eeuw na Christus en overleefde een aardbeving in de 12e eeuw. Ook nu nog worden er in de Arena grootse opera-voorstellingen gehouden. Tijdens ons verblijf was dit de Aïda, waar ooit gladiatoren streden op leven en dood.

Volgens het verhaal werd Romeo Montecchi verliefd op Guilietta Capuleti. De familievete tussen de Montecchi’s en de Capuleti’s stond hun liefde echter in de weg. Wanneer haar broer haar bericht dat hij Romeo gedood heeft, ontneemt Guilietta zichzelf het leven. Ontdaan door verdriet snelt Romeo naar Guilietta’s tombe. Hij wil zonder zijn geliefde niet verder leven en doodt zichzelf. Guilietta was echter niet dood. Nu haar Romeo dood is, heeft het leven ook voor haar geen zin meer en ook zij doodt zichzelf. Dit tragische verhaal van Shakespeare speelde zich af in Verona, alhoewel de personages Romeo en Julia puur fictief zijn. Julia’s balkon, in het centrum van Verona, is een geliefde toeristische trekpleister waar je de romantiek voelt als je er bent. Net als vele duizenden voor ons heeft Jet onze namen tussen de geliefden op de muur geschreven. Na de romantiek hebben we bij Castelvecchio aan de rivier gezeten. ’s-Avonds bij een restaurantje aan diezelfde rivier gegeten.

Donderdag 17 juli 1997 / Vrijdag 18 juli 1997

Toen het donderdag in Venetië bleek te regenen, hebben we op het station maar weer rechtsomkeerd gemaakt. Vrijdag waren de weergoden ons beter gezind. Venetië kent een lange geschiedenis. De confederatie van eilanden was in de zesde eeuw een bondgenoot van Byzantium, dat in feite de heerschappij over Venetië bezat. In 726, toen het Byzantijnse rijk zwakker werd, koos Verentië zijn eerste provinciale regering, met aan het hoofd een ‘doge’. San Marco werd de nieuwe patroon van de stad. Venetië groeide vervolgens uit tot een economische en politieke macht. In 1797 viel Napoleon Venetië binnen. Tot 1805 behoorde Venetië tot de Habsburgers, totdat Napoleon het gebied weer bij z’n Italiaanse koninkrijk voegde. Na Waterloo werd Venetië weer Oostenrijks, totdat het in 1866 bij een eenwording van Italië weer tot het koninkrijk ging behoren. De 80.000 inwoners van Venetië krijgen nu jaarlijks bezoek van zo’n 20 miljoen toeristen. Venetië is niet de stad van de monumenten (alhoewel er wel heel veel kerken en paleizen zijn). In Venetië moet je de specifieke sfeer van de stad proeven en waar je door een doolhof van steegjes kan lopen en langs de Molo en de Canal Grande van het leven op het water kan genieten. Op de Piazatta, tussen het San Marco plein en de Molo (de boulevard) staan twee zuilen. Op de één staat San Theodoro, de patroon van Venetië in de Byzantijnse tijd, op de andere een chimera die de leeuw van San Marco voorstelt. Tussen de zuilen werden in vroeger
tijden executies uitgevoerd. Bijgelovige Venetianen lopen bewust niet tussen de zuilen door. Wij dus ook maar niet.

Zaterdag 19 juli 1997

Op één of andere manier valt Bologna, zaterdags, een beetje tegen. De stad kan zich beroepen op
het feit dat het één van de best behouden historische centra heeft, maar verder….. We rusten even uit
op het Piazza Maggiore. De lunch bestaat zoals meestal uit pizza.

Zondag 20 juli 1997

Vandaag zijn we op de camping in Verona gebleven.

Maandag 21 juli 1997 / Dinsdag 22 juli 1997

Vandaag is onze laatste dag in Italië. De tent wordt afgebroken en de tassen ingepakt. Als laatste stad staat vandaag Milaan op het programma. Milaan is de stad waar tijd geld is. Arbeidsethos en consumentisme staan centraal in het leven van de volgens de laatste mode geklede Milanezen. Het is de stad van de dure winkels en exclusieve galerieën. Het uiterlijk telt in Milaan. De stad heeft niet het historische karakter van bijvoorbeeld Rome, maar één monument valt niet te ontwijken: de duomo. De dom, waarvan de bouw begon in 1386 en bijna vijf eeuwen duurde,is de grootste kathedraal ter wereld. Vooral in het echt is het een indrukwekkend gebouw. Vervolgens lopen we door de Galleria Vittorio Emanuele, de kruisvormige winkelgallerij die stamt uit 1865 en bezoeken we het Castello Sforzesco.

Om 5 voor 10 ’s-avonds nemen we de nachttrein naar Parijs. We hebben veel indrukken opgedaan. Maar na alle pasta en pizza verlangen we toch ook wel weer naar ‘gewoon’ Hollands eten. En een zacht bed. Nadat we dinsdag in Parijs hebben doorgebracht, komen we rond tien uur ’s-avonds weer thuis. Het was een heerlijke vakantie!