New York City

30 mei – 7 juni 2003

Vrijdag 30 mei 2003

Ik houd vanavond m’n dagboek bij bovenop een stapelbed, waarvan er drie staan in een kamertje van drie bij vier meter. Het is er bloedheet en op z’n zachtst gezegd nogal muf. Ik heb daarom de airconditioning maar aangezet (duh!). Het wordt behelpen hier; geen privacy, alleen ene bed en een goedkope plastic locker. Maar hey, we zijn in New York en daar gaat het om! Na ruim tien uur vliegen (inclusief tussenstop) ben ik om half zes op JFK geland. Goede vlucht gehad, tijd gedood met m’n Lonely Planet en de film Chicago. Het passeren van de douane viel mee. Geen tassen hoeven openen (terwijl ik als backpackende, alleenreizende jonge man uit Nederland toch tot de doelgroep moet behoren), wel moeten vertellen wat ik kom doen, hoe lang ik blijf en wat voor werk ik doe (sic!). Nadat de customs officer met een harde klap een stempel heeft gezet op het formulier dat ik in het vliegtuig heb moeten invullen, klinkt het: “Welcome to the United States!” Yes!

Gelukkig is m’n tas ook aangekomen. In de hal van JFK vind ik een ATM en een balie waar ik de ‘supershuttle’ kan reserveren. Een minivan brengt mij en zes medepassagiers naar Manthattan, een rit die toch nog een uur duurt. Mijn eerste beelden van NY lijken op alles behalve dat wat je denkt als je NY zegt. Een brede expressway met daarom heen wat bedrijven en appartementengebouwen. M.a.w.: een snelweg naar een grote stad zoals je die overal vindt. De jongen naast me merkt op dat “dit niet de fraaiste kant van NY is”. Een medebewoonster van de stad knikt instemmend.

De uitvalswegen van Queens doen aan als die van Amsterdam of Den Haag. Behalve dan de borden “Buccle up New York. It’s the law!”. Als we over een brug over de East River rijden, doemt plotseling de skyline van NY op. Waren de gebouwen in de ‘boroughs’ net zo breed als hoog (voor New Yorkse begrippen dus laag), in Manhattan lopen de lijnen met name verticaal. Het lijken wel rechtopgezette liciferhoutjes. Het Empire State Building en Crysler Building torenen overal bovenuit. De Twin Towers ontbreken zichtbaar (paradoxale uitdrukking…). Een plaatje dat ik ken uit tijdschriften en van televisie, maar toch anders omdat je de (minder mooie) omgeving er nu ook bijziet. De chauffeur schiet door het drukke verkeer, voortdurend op z’n claxon duwend. De stratenstructuur wordt snel duidelijk. Om acht uur wordt ik afgezet bij het hostel op 19 west 103rd street. Kosten: $ 17,-.

Ik deel de kamer met drie anderen. In het basement van het hostel is een soort lounge, waar een paar jongeren voor de televisie hangen en twee internetterminals staan. Ik mail het thuisfront dat ik heelhuids ben aangekomen.

Zaterdag 31 mei 2003

Hoewle de airco nogal lawaai maakt en het licht naar believen aan- en uitgaat, heb ik goed geslapen. Rond negen uur sta ik op, gene idee wat voor weer het is (het raam heeft geen uitzicht). Bij het metrostation ana het eind van de straat koop ik een metrocard, waarmee ik de rest van de wek ongelimiteerd de subway kan nemen. M’n eerste rit brengt me naar Columbus Circle, vanwaaruit ik Broadway afloop. Koffie en een bagle vormen m’n ontbijt. Even later sta ik op het beroemde Times Square. Veel verkeer, lichtreclames en toeristen. Hier maak ik m’n eerste foto’s. Ik loop verder tot een 42nd street, die ik vervolgens afloop, langs (en door) de fraaie Public Library, Briant Park en Grand Central Terminal. Het weer is redelijk: bewolkt, maar warm. Goed were om door de stad te lopen, totdat het begint te regenen. Ik besluit de rest van Midtown later deze week te doen, dit is weer voor een museum. Het Gugenheim in dit geval. Eerst koop ik nog even ene telefoonkaart om Evelien te bellen. Die zit in de zon op een terras (grr…). Halverwege valt ze weg, opnieuw bellen lukt niet. Dan maar mailen, vanavond of zo. Het Gugenheim kan me niet echt boeien. Het gebouw is mooi, de collecties met Malevich, Monet, Picasso, Cezane e.a. gart ook wel, maar de ‘hoofdtentoonstelling’, het surrealistische beel- en geluidgebeuren van Matthew Barney vind ik niks.

Na Gugenheim neem ik de metro richting Canal street, waar Lonely Planet een wandeling heeft uitgestippeld door Chinatown. Ook zoiets wat goed te doen is met wat slechter weer. Omdat de metro zonder opgave van reden Canal street voorbij schiet, moet ik even lopen voordat ik me midden tussen de Chinezen bevind. Een aantal blokken is niets anders te zien dan de uitbundige Chinese reclameborden. De voertaal is hier Chinees, zelfs de straatnaambordjes zijn tweetalig. Omdat het opgehouden is met zachtjes regenen, duik ik ene restaurantje in, waar ik voor $ 3,75 een prima Chinees maaltje krijg voorgeschoteld. Heerlijk eten, maar je wordt wel verwacht na 15-20 minuten weer buiten te staan.

Zondag 1 juni 2003

Vanochtend uitgeslapen. Ik neem de metro naar Times Square, vanwaaruit ik de rest van Midtown doorloop. Langs Rockefeller Center en St. Patrick’s Cathedral. Het is afwisselend droog en nat en kouder dan gisteren.

Bij Strand Bookstore (Broadway/12th), volgens Amerika Magazine “een begrip in NY” (en inderdaad: indrukwekkend veel boeken) koop ik twee boeken die nog op m’n lijstje stonden: New York – an illustrated history en Jack – a life like no other. Ik bespaar $ 27,50 vergeleken met de prijzen in Nederland.

De metro brengt me van Lexington Avenue naar Union Square, waar ik de Starbuks induik voor een ‘Yukon coffee’ (coffee of the day). Kan het Amerikaanser (m’n ontbijt was coffee & cream cheese bagle). Na de koffie loop ik naar het kerkhofje aan Stuyvesant street. Op deze allesbehalve toeristische plek is het graf van Peter Stuyvesant, de laatste goeverneur van New Netherland. Het is even zoeken, maar dan vind ik het graf. Omdat het deel uitmaakt van het pas langs de kerk, wordt er tegenwoordig nogal wat over Stuyvesant heen gelopen…

Aan het eind van de middag ben ik terug in het hostel, waar ik in het basement de stukken lees die ik uit Amerika Magazine heb gekopieerd. M’n benen zijn het namelijk een beetje zat…. Gemaild en het weer gecheckt: morgen en dinsdag wordt het mooi weer! Op naar de highlights dus.

Manadag 2 juni 2003

Vandaag is een dag om dankbaar voor te zijn. Het is het mooiste weer van de wereld (75 F en volop zon), dus ik maak er de ultieme NYC highlights celebration day van! ’s-Ochtends al vroeg opgestaan en de metro gepakt richting Battery Park, op het zuidpuntje van Manhattan. Hier vandaan vertrekt de ferry naar het Statue of Liberty en Ellis Island. Na een uitgebreide bagagecheck (zelfs m’n riem moet af) en gelukkig een korte rij wachtenden vertrekt de ferry richting Liberty Island. Prachtige uitzichten op Manhattan. En wat een ideaal weer voor deze trip. Lady Liberty maakt indruk. Natuurlijk uitgebreid gefotografeerd. Ik dacht dat ze wel stevig op haar sokkel zou staan, maar nee, ze leunt nonchalant op hara linkerbeen, rechtervoet losjes naar achteren (een detail dat me opviel). Vervolgens naar Ellis Island, waar tussen 1880 en 1924 de immigranten aankwamen. Indrukwekkende fotoreportages in het museum, commerciële fastfood en veel toeristen buiten.

Na opnieuw van de skyline te hebben genoten, pak ik de metro uptown richting het zuidpuntje van Central Park. Ik wandel een deel van het park door, dat echt enorm groot is. Wat opvalt zijn de vele baseball grounds die op de lawns zijn aangelegd en waar vele gebruik van wordt gemaakt. Op deze zonnige dag is het park druk bevolkt. Leuk om dit beroemde park nu eens in het echt te zien. Nadat ik nog even in de zon heb gelegen (het is inmiddels een uur of vier), vertrek ik weer want er is nog een highlight die ik met dit weer wil meepakken: Empire State Building. De rij wachtenden schuift gelukkig vrij snel door en voor $ 11,- verschaf ik me toegang tot dit hoogste gebouw van New York. De lift schiet met tien verdiepingen per vijf seconden (!) naar de 86e verdieping. Het uitzicht vanaf het observatory deck is waanzinnig! Je kan heel NY overzien, van Brooklyn tot Ellis Island en van Lower Manhattan tot The Bronx. Geen gebouw in de stad komt ook maar in de buurt van deze gigant. De yellow cabs lijken mieren, de skyscrapers van lower Manhattan lijken van lego en Central Park is net een groene postzegel. Geweldig!

Als ik weer beneden ben, loop ik (met inmiddels al weer behoorlijk zere voeten) naar 23rd street. Hier zit een F&B, een soort McDonalds mar dan met hotdogs in plaats van hamburgers. De ‘topdog combo’ (hotdog met zuurkool en spekjes) is heerlijk. Na afloop ga ik terug naar Central Park, waar ik de zwoele zomeravond nageniet. Om me heen wordt volop gejogd, gefietst, geskatet en de hond uitgelaten. Ook voor New Yorkers een geliefde plek dus. New Yorkers, van wie me de afgelopen dagen is opgevallen hoe gemixet ze zijn. Blanken zijn hier niet (meer) in de meerderheid, ze vormen de grootste minderheid. Verder zie je op straat en in de metro veel zwarten, aziaten en latino’s. Een heuze ‘melting pot’ dus. Hoewel het pas maandag is, heb ik al veel gezien en gedaan. Hoewel NY een geigantische stad is (acht mln inwoners), zorgt de subway ervoor dat alles relatief dichtbij lijkt. Pas als je gaat lopen merk je de uitgestrektheid, hoewel dit wel de beste manier is om de stad te verkennen. Langzamerhand begin ik de stad een beetje te leren kennen: de beelden, de geluiden, de straten, de sfeer, de metrolijnen, het eten. En langzaamaan begin ik te begrijpen waarom New Yorkers zo trots zijn op hun stad. In ieder geval is Manhattan geen onaangename stad om in te verblijven, integendeel zelfs.

Dinsdag 3 juni 2003

Toen ik gisteravond in het hostel aankwam, waren alle bedden op mijn kamer leeg en dat zijn ze tot vanochtend gebleven. Eindelijk een nachtje privacy. Heerlijk geslapen tot een uur of negen en de trein naar Chambers street genomen. Dit is vlakbij de WTC-site. Een groot gat tussen alle hoogbouw. Als ik er loop, komt 09/11 helemaal terug. Een groot bord op de gevel van een gebouw zegt: “The human spirit is not measured by the size of the act, but by the size of the heart”. Omliggende gebouwen zijn nog steeds beschadig of deels ingepakt. Plaquettes herdenken de omgekomen hulpverleners, op informatieborden hebben bezoekers leuzen geschreven (“God bless”, “We will remember”). Hier zijn en de herinnering aan 09/11 ontroert me. Zeer indrukwekkend.

In de Starbucks om de hoek (coffee & bagles) bedenk ik wat ik de rest van de dag ga doen. Het wordt Greenwich Village & SoHo. Greenwich Village is een ‘historic District’, veel voormalige pakhuizen zijn hier omgebouwd tot apartementen. Van die bakstenen gevels met brandtrappen ervoor (bekend uit de actiefilms :-)). Tegenwoordig zitten onderin deze panden veel trendy winkels en art galeries. Veel regenboogvlaggen ook. Greenwich Village ziet eruit en voelt aan als een dorp, een dorp middenin een miljoenenstad, dat wel. Na Greenwich Village valt SoHo een beetje tegen. Beetje meer van hetzelfde eigenlijk, zij het dat hier veel dure en zo mogelijk nog trendier winkels zitten.

Aan het eind van de middag besluit ik dat ik wel weer genoeg heb gezien vandaag. Neem wat te eten mee naar het hostel, waar ik in het basement m’n dagboek bijwerk en wat ga zitten lezen.

Woensdag 4 juni 2003

Gisteravond (-nacht) zijn twee nieuwe ‘roomies’ binnengeslopen. Amerikanen. Aangezien het weer zich aan de voorspelling houdt en het vandaag dus regent, slapa ik tot elf uur uit. Een half uur later zit ik aan de Çolombia Narino’, de coffe of the day bij de Starbucks op 8th/42nd. Vandaga staat het Int. Centre of Photography op het programma, maar als ik daar aankom, vertelt een vriendelijke dame me: “Sorry, we’re closed right now, we’ll reopen on Friday”. Damn, daar gaat m’n plannetje. Als alternatief kies ik voor het Metropolitan Museum of Art. Hier breng ik drie uur door. Het is echt veel te groot om allemaal te bekijken, als je dat al zou willen. ik houd het op wat 19e eeuwse impressionisten, het zelfportret van Rembrandt en (gelukkig ook hier) een paar erg fraaie foto-exposities.

‘s-Avonds ga ik eten in Katz’, de beroemde diner uit de film When Harry met Sally. Diners zijn een typisch Amerikaans verschijnsel (daar moet je dus gegeten hebben tijdens een bezoek als dit) en dit is een wel heel bekende. Aan de muur hangen foto’s van beroemdheden die hier hebben gegeten. M’n maaltijd bestata uit een Turkey sandwich (veel teveel turkey), pickles (augurken), ketchup, mosterd en pepsi. How American can you go?

Donderdag 5 juni 2003

Na het gebruikelijke ontbijt bij Starbucks heb ik vandaag de lower Manhattan walking tour gedaan. O.a. langs het Equitable Building, Wall street (wist niet dat deze strata vernoemd is nar de noordelijke beschermingsmuur van New Amsterdam), NY stock exchange (niet aan Wall street maar aan Broad street), Federal Hall, Customs House en de plek waar het oude Stadt Huys stond. Gelunched bij Blimpie, een soort kruising tussen McDonalds en Bakker Bart (menu’s met belegde broodjes dus). Na de lunch de rets van de route: Cityhall, US & NY Courthouses. ‘s-Avonds gegeten bij Lombardi’s, naar men zegt de beste pizzabakker in NYC. De ‘small’ pizza is niettemin ‘huge’ (zelfs de champignons erop zijn groot).

Vrijdag 6 juni 2003

Ik zit in Brooklyn het buiten is het bloedheet. Prachtig weer, maar erg warm. Vanaf de Brooklyn heights promenade de skyline van Manhattan en de Brooklyn bridge bekeken. Vervolgens door Broolyn Heights gelopen en bij Quinzo’s gegeten. Een soort Blimpie (zie gisteren), maar dan 100x beter. I just had the best sub ever (een in de oven opgepept stokbrood met sla, tomaat, ham, kalkoen, kaas en ranch dressing). Een goede bodem voor de wandeling over de Brooklyn Bridge. Deze wandeling is adembenemend. Prachtig uitzicht over de East River, Manhattan en de stijlvolle brug zelf. De rest van de middag breng ik door in Central Park, waar ik nog wat foto’s maak en uitgebreid in de zon ga liggen. ‘s-Avonds gegeten bij Ranch1 (McDonalds met gegrilde kip i.p.v. hamburgers).

Opvallend is de beveiliging in NYC. Boven de stad cirkelen voortdurend helikopters en op straat is opvallend veel politie te zien. En dat het vlagvertoon. Op gebouwen, bruggen, gevels (ook van huizen), auto’s, in etalages, op revers van jassen, je kan bijna nergens kijken of je ziet wel één of meer stars and stripes. Een overblijfsel van 09/11 denk ik. In Europese ogen een overdreven soort patriotisme, ik vind het wel mooi, zo’n symbool dat alle Amerikanen bindt. Een ander opvallend puntje: de mensen zijn hier erg vriendelijk (over het algemeen dan). Er is altijd wel iemand die een foto voor me wil maken, maar ook op straat. Als iemand je per ongelijk aanstoot worden meeten excuses aangeboden. Nu ben ik natuurlijk ook niet in de slechte wijken geweest, maar er heerst overal gewoon een vriendelijke sfeer. In Manhattan is het wel buitengewoon druk. Altijd veel verkeer en geluid om je heen. Central Park is daarin wel een rustpunt. Net als Brooklyn, dat een stuk rustiger is. Goede plek om te wonen.

Zaterdag 7 juni 2003

Het is zaterdagmorgen en ik ben bijna ingepakt. Om twaalf uur komt de supershuttle me halen om naar JFK te gaan. M’n weekje New York zit erop. Een prachtige ervaring die ik niet had willen missen.