Parijs

27 – 30 december 2006

Woensdag 27 december 2006

Sommige steden gaan niet snel vervelen en Parijs is daar één van. Ik was hier twee keer eerder, in 1996 en in 1999. De laatste keer alweer zeven jaar geleden dus. Vandaag, één dag na kerst, gaat om kwart voor zes de wekker voor m’n derde bezoek aan de Franse hoofdstad. Om half acht vertrekken we vanaf Den Haag Hollands Spoor met de Thalys richting Parijs. Ruim drie uur later komen we aan op Gare du Nord. Dit monumentale station is al een bezienswaardigheid op zich. Buiten is het koud (net boven het vriespunt) en grijs weer. Het lijkt erop alsof het weer zich heeft aangepast aan mijn voornemen om in Parijs uitsluitend in zwart-wit te gaan fotograferen.
Ons low-budget **-hotel zit op een steenworp van het station. Een bed en een badkamer, meer is het niet (en meer zullen we de komende dagen ook niet nodig hebben). Het is koffietijd en ons Parijse avontuur kan beginnen .

Vanuit het hotel lopen we richting Montmartre. De Boulevard de Rochechouart en de Boulevard de Clichy zijn drukke verkeersaders, maar voorzien van een aardige wandelpromenade in het midden. Als we bij de Moulin Rouge zijn gekomen, lopen we de Rue Lepic in. In de Rue des
Abesses komen we langs een bakkertje, waar we gaan zitten voor een kop koffie en een baguette. Iets verderop ligt Place des Abesses, met één van de weinige nog complete Metro-entrees in Jugendstil. Nadat we de eerste van de vele, voor Montmarte zo kenmerkende trappen zijn opgelopen, belanden we op Place du Tertre. Een druk pleintje vol schilders en portrettekenaars dat als een magneet op toeristen werkt. Vanaf hier is het maar een klein stukje naar de Basilique du Sacré Coeur. Ook hier veel toeristen, ondanks of misschien wel dankzij de tijd van het jaar (want kerstvakantie). Rondom de Sacré Coeur nog meer van de karakteristieke en fotogenieke trappen.

Via de kleine straatjes van Montmartre lopen we terug naar beneden (Montmartre ligt, zoals het woord ‘mont’ al doet vermoeden, op een heuvel, vanwaar je uitkijkt over de stad). Via Rue Pigale en Rue de Mogador, komen we bij Boulevard Haussmann. Hier is het een drukte van belang, een combinatie van de avondspits en het winkelend publiek dat op de grote warenhuizen Lafeyette en Printemps afkomt. Iets verderop staat de Opéra, een statig gebouw met grote gouden beelden op het dak. De Opéra ligt aan een druk verkeersplein, waar twee grote boulevards samenkomen. Het zijn deze en andere ‘grands boulevards’ die typerend zijn voor Parijs, maar tegelijkertijd een contrast vormen met de rustige straatjes in Montmartre en Quartier Latin. Nadat ik bij Lafayette nieuwe leren handschoenen heb gekocht (wel zo handig met deze temperatuur) lopen we weer langzaam richting ons hotel. Onderweg drinken we koffie in een ‘salon de thé’ en bedenken we waar we vanavond willen eten. Het wordt uiteindelijk Maison Blanche, tegenover Gare du Nord. Moe van de lange dag komen we terug in het hotel.

Donderdag 28 december 2006

Dag twee in Parijs. We staan om negen uur op en nadat we hebben gedouched lopen we naar Gare du Nord, waar we een Paris Visite kopen (een metrokaartje voor drie dagen). Vervolgens pakken we lijn 4 naar Quartier Latin. Dit is de Universiteitswijk van Parijs, waar de Sorbonne en het
Panthéon te vinden zijn, maar ook vele kleine straatjes met cafeetjes en restaurantjes. Het Quartier Latin is één van de leukste wijken van Parijs. Eenmaal aangekomen op Place Saint Michel gaan we eerst op zoek naar een plek om koffie te drinken en te ontbijten. Hierna lopen we Rue de la Huchette uit en via Place Viviani en Rue des Carmes lopen we naar het Panthéon. Dit
indrukwekkend grote gebouw bestaat uit een grote koepel en een façade met immense zuilen. Binnen liggen de resten van diverse grote namen uit de Franse geschiedenis begraven. Iets verder, om de hoek van Rue Soufflot, vinden we een leuk tentje om te lunchen. Onze tenen en vingers kunnen hier weer even opwarmen.

Aan de andere kant van Boulevard Saint Michel ligt Jardin du Luxembourg, een groot park met het gelijknamige paleis, waar nu de Franse senaat zetelt. We wandelen door het park en belanden aan de andere kant in Saint Germain, de wijk die naast Quartier Latin ligt. Ook dit is een leuke wijk, maar de kleine straatjes zijn hier gevuld met dure winkels, boutiques en galeries. Via Rue
Bonaparte en Place Saint Germain des Prés lopen we weer richting de Seine. Vanaf de voetgangersbrug Pont des Arts heb je een mooi uitzicht over de rivier en de zuidpunt van Ile de la Cité. Dit eiland in de Seine vormt het hart van Parijs en de plek waar de stad ooit is ontstaan. We bereiken het eiland via de Pont Neuf, de oudste brug van Parijs. Via het pittoreske Place Dauphine lopen we richting de Notre Dame. Hier wemelt het van de toeristen. En dat terwijl de
Notre Dame toch echt niet het mooiste object is dat in Parijs te zien is (of is dat een kwestie van smaak?).

De Pont Saint Louis verbindt Ile de la Cité met Ile Saint Louis, het andere eiland in de Seine. Hier lopen we een eind langs de laaggelegen kades langs de Seine. De kades, de bruggen en het uitzicht vormen een fraaie en fotogenieke omgeving. Inmiddels hebben we het weer aardig koud gekregen en lopen we terug naar Quartier Latin, waar we aan de Boulevard Saint Germain wat eten. Het is tegen vijf uur als we de metro nemen naar Les Halles. We kijken even rond in dit, grotendeels ondergronds aangelegde winkelcentrum en het daarboven gelegen, gelijknamige parkje. Nog één keer vandaag pakken we de metro terug naar Quartier Latin, waar we vanavond gaan eten. Tegen negen uur zijn we terug in ons hotel, bekaf na een intensieve dag.

Vrijdag 29 december 2006

In tegenstelling tot gisteren schijnt vanochtend de zon. We nemen de metro naar Trocadero en lopen naar het Palais de Chaillot. Vanaf de terrassen van dit (verder niet erg mooie) paleis kijk je over de Seine recht op de Eiffeltoren. Nadat we ons ontbijtje hebben opgegeten (vandaag hebben we croissantjes en koffiebroodjes meegenomen) lopen we richting de wereldberoemde
toren, ooit het hoogste bouwwerk ter wereld. Onder de toren staan lange rijen voor de vier kassa’s, iedereen lijkt naar boven te willen. Wij betwijfelen of dat zinvol is, want het is niet echt helder. We lopen verder over het Parc du Champ de Mars, het open wandelgebied aan de voet van de Eiffel toren en maken natuurlijk de nodige foto’s. Vanaf hier is het niet ver naar het Hôtel des Invalides, dat vooral opvalt door z’n gouden koepel. In een zijstraatje gaan we zitten voor koffie en lunch. Vóór Invalides loopt een brede ‘esplanade’ richting de Seine. Het is opvallend hoe wijds dit deel van Parijs is opgezet. De stadsarchitecten hebben hier de ruimte genomen om brede boulevards, wandelpromenades en groenstroken aan te leggen. Heel anders dan bijvoorbeeld het nabijgelegen Quartier Latin en Saint Germain. Als we richting Place de la Concorde lopen hetzelfde beeld. Vanaf hier zijn ook de Eiffel toren en de Notre Dame te zien, evenals het begin van de Champs Elysées en de ingang van de Jardin des Tuileries. Het is een stukje Parijs dat ‘grandeur’ en allure uitstraalt.

Alsof we nog niet genoeg hebben gelopen, besluiten we op Place de la Concorde om de Champs Elysées af te lopen. Het eerste stuk heeft bomenrijen en bankjes aan weerszijden en is een leuk stukje wandelboulevard. Het tweede stuk is het stuk met winkels en vooral veel winkelend publiek. Aan het eind van de Champs Elysées wacht onvermijdelijk de Arche du Triomphe. De auto’s razen over de rotonde om de Arche heen. Je vraagt je af hoe het allemaal goed kan gaan, want alles en iedereen rijdt hier dwars door elkaar. Nadat we een kijkje hebben genomen ónder de beroemde Arche, pakken we de metro terug naar Place de la Concorde. Hier is de ingang van de Tuileries, die in het Frans ‘jardin’ heet, maar meer heeft van een park. Aan het eind van het park staat het wereldberoemde Musée du Louvre. Dit immense museum is alleen al van de buitenkant indrukwekkend. De combinatie van de oude vleugels aan het Cour Napoléon met in het midden de moderne glazen piramide is even bijzonder als fraai. Vanaf het Louvre nemen we weer de metro (onze voeten zijn het nu echt zat) naar ons hotel. Hier komen we bij van alweer een enerverende dag, voordat we gaan eten. Dat doen we vandaag in Montmartre, in een klein restaurantje dat L’été en Pente
Douce heet.

Zaterdag 30 december 2006

Vandaag is alweer onze laatste dag in Parijs. Op Gare du Nord nemen we eerst even de tijd om dit fraaie gebouw te fotograferen en te ontbijten. Daarna nemen we de metro naar Louvre-Rivoli. Het is inmiddels een beetje gaan regenen, de enige regen die we deze dagen (gelukkig) hebben gehad. We lopen eerst langs Palais Royal. Het gebouw is mooi, maar het leukst is de tuin achter het voormalige paleis. Temidden van de vleugels van dit klassieke gebouw staan moderne kunstobjecten. Ze vormen een mooi contrast en leveren een aantal mooie plaatjes op. In de buurt van Palais Royal lopen we vervolgens door een paar oude passages, de enigszins verlaten Galerie
Véro-Dodat en de mooiere Galerie Vivienne. Hierna lopen we terug naar Les Halles, waar we gaan lunchen bij Chez le Pere Tranquile. Als we gegeten hebben, is het inmiddels drie uur. We nemen de metro terug om onze bagage in het hotel op te halen en vervolgens gaan we richting Gare du Nord. Om vier uur vertrekt onze trein terug naar Den Haag. We hebben vier zeer geslaagde
dagen achter de rug in een stad die, zoals ik aan het begin al zei, nog steeds niet verveelt. Het was koud, maar droog en we hebben veel mooie foto’s gemaakt.